Grote Kerk, Nieuwleusen. Zondag 4 maart 2007, Reminiscere

Ds. Ph. van Wijk

 

Viering van de heilige Doop van Sam Marryn Klaas Kok

En voorstellen van bezoekmedewerker Dirk Jan Wennemars

 

Gezongen liederen: Ps. 25 , Gez. 332, Ps. 27 : 3 Gez. 173 : 1,3,5  Gez. 474 : 1 Gez. 75 : 7,8,9

 

 

 

Gemeente, doopouders, nieuwe bezoekmedewerker,

 

Een top-ervaring.

Stel je voor dat op dit belangrijke moment zo’n soort top-ervaring ons deel zou zijn. Vanmorgen bij de doop van jullie tweede kindje. Bij het begin van je werk in de gemeente.

Zeker in onze cultuur staan extreme ervaringen in de belangstelling. Geprikkeld door allerlei exotische en bijzondere dingen in programma’s op televisie en aangestoken door de verhalen van anderen willen we ook graag iets groots of speciaals meemaken.

En ook een bijzondere religieuze ervaring: ja dat spreekt tot de verbeelding. Religieuze omroepen halen er kijkcijfers mee.

Stel je voor dat je in de gelegenheid zou zijn om je grootste favorieten in de wereld te ontmoeten. Samen op een geweldige plaats te zijn. Eigenlijk was dat met Petrus en Jakobus en Johannes zo. Met hun Jezus, überhaupt al hun grote voorbeeld, maken ze die ongekende ervaring mee van onbeschrijflijke glorie. Jezus’ kleding wordt intens glanzend wit, en daar zijn nota bene hun twee favorieten, waar heel hun joodse leven bol van staat, met Jezus in gesprek. Mozes en Elia.

Een religieuze ervaring van ongekende kracht.

 

Maar het gebeuren verloopt voor ons toch wel merkwaardig. Wij zouden zeggen: laat ze met dit schitterende verhaal de berg af gaan. Vertel het overal! Want dit is fantastisch!

 

Nee. Integendeel.

Er komt een enorme domper op te staan.

Als Mozes en Elia een beetje terugwijken, wil Petrus het vasthouden. Laten we, zegt hij tegen Jezus, drie tenten maken. Voor U en voor Mozes en voor Elia. Dit is te mooi om los te laten. Zo prachtig. Zo vol glorie. Schitterend! Dit moeten we vasthouden!

Maar hij is nog niet uitgesproken of er komt een wolk die al die glorie weghaalt. Een donkere domper. Een schaduw.

Ze worden er bang van. Weg religieuze top-ervaring. Weg alle glorie.

 

En dan klinkt er een stem. ‘Dit is mijn Zoon, mijn uitverkorene, luister naar Hem!’

En als die stem is uitgesproken zijn de grote favorieten weg. Mozes en Elia verdwenen.

En als ze de andere dag de berg afdalen zwijgen ze.

Kennelijk weten ze het niet meer. Zijn ze met heel hun visie vastgelopen.

 

Wat is er aan de hand?

Heeft God hier niet iets heel belangrijks duidelijk gemaakt voor hen?

 

Ik kijk er eigenlijk op twee manieren naar.

Zou het niet zo kunnen zijn dat die prachtige glans die Jezus kreeg, die verheerlijking, een ongekende kracht in zich heeft gehad?

Jezus ging een buitengewoon moeilijke weg tegemoet. Hij wist dat alle mensen Hem zouden verwerpen of in de steek laten. Zelfs zijn vrienden.

In gesprek te zijn met Mozes en Elia betekent spreken met de twee grootste profeten. En we weten wat het lot van de profeten is geweest. Juist omdat ze open in Gods naam spraken hebben ze bijna allemaal een zwaar lot gehad. Ze wisten wat het betekent dat je reputatie er aan gaat. Vaak omdat ze het voor de slachtoffers en ontrechten opnamen.

Stel je dat zelf eens voor. Dat je het bijvoorbeeld opneemt voor iemand die op je werk kapot gemaakt wordt. Onterecht. En dat jouw reputatie daardoor ook schade oploopt. Zou je dat doen? Alleen als je innerlijk overtuigd bent dat uiteindelijk niemand je schade kan doen, en als je echt weet dat je het voor het grootste op aarde, voor waarheid en liefde doet, dan durf je.

Ik denk dat het voor Jezus van enorme kracht is geweest dat Hij daar met Mozes en Elia heeft kunnen delen waar het om gaat. Om echte liefde dwars door alle vijandschap heen. En ook dat dat uiteindelijk tot het mooiste en grootste leidt. Ze kunnen je nooit echt kapot maken. Want dwars door het uitgestoten worden en lijden en zelfs de dood heen gaat het naar de geweldige glans van het Rijk van God. Je weet waar je het voor doet. Je hoeft voor reputatieschade en voor uitgestoten worden en voor de dood niet bang te zijn. Ze zullen je niet schaden.

Enorme kracht en bemoediging.

Ook voor ons. Als je gedoopt wordt dan ga je Jezus volgen. Net als Jezus en de profeten ga je het opnemen voor wie ten onrechte wordt vervolgd of stuk gemaakt. Je gaat voor echte zuiverheid en liefde. En dat komt echt niet altijd goed uit in de wereld. Je gaat er ook aan lijden. Maar je kiest niet uit gemakzucht de makkelijkste weg. Dat doen veel mensen. Als het er op aan komt, dan laten ze toch degene voor wie ze het opnemen vallen. Want het kost hen hun eigen hachje. En dan kies je voor jezelf. Maar als je ziet dat achter het volhouden en aan het eind van het verhaal van kapot gemaakt worden dat prachtige Rijk van God wacht en je deel is, dan durf je te volharden, ook al kom je alleen te staan.

 

Maar er is ook nog iets anders.

Petrus en Jakobus en Johannes moesten ook leren dat er met Jezus iets naar voren zou komen dat tot dan toe altijd nog verborgen was geweest. Dat Mozes en Elia, hun grote favorieten, toch nog niet het einde waren. Daarom verdwenen ze. En bleef Jezus alleen over. Dingen die tot dan toe verborgen waren geweest, worden nu geopenbaard.

 

Misschien kan ik het ’t beste illustreren met Elia. Een Bijbelverhaal dat de meesten van ons wel kennen.

Hij heeft enorm voor God gestreden. Hij kwam helemaal alleen te staan. Iedereen liep achter afgod Baäl aan. Maar op een dag liet God hem zien dat Hij werkelijk met Elia was. Een indrukwekkende gebeurtenis. Er werd een enorm altaar opgericht door de Baälspriesters en ook één door Elia. De God die vuur uit de hemel zou geven zou de ware God zijn. De Baälspriesters baden tevergeefs. Maar Jahwe, de God van Israël, de God van Elia liet in één verblindende bliksemschicht zien dat Hij God is. Heel het altaar en het offer verbranden in één keer. Jahwe is God. Dat  is wel duidelijk.

En let op wat Elia dan doet. Hij laat dan de honderden Baälspriesters oppakken. En zij worden in een enorme slachting allemaal gedood. Deze vijanden van God mochten niet meer leven.

Zo dacht Elia over God.

 

Maar dat is nog een beperkt, een verkeerd denken over God.

Wij maken onze God vaak op onze manier. We hebben er ons eigen beeld van.

 

Maar let eens op Jezus.

Op een andere bergtop. Daar is ook een prachtige glorie te zien. Op Golgotha, waar Hij aan het kruis hangt. Wat? denk je nu. Dat is toch geen glorie?

Zijn vijanden staan onder het kruis. Eindelijk hebben ze Hem waar ze Hem hebben willen. Vernederd zal Hij sterven.

Maar dan doet Jezus het tegenovergestelde van Elia.

Dat is de glorie van die andere bergtop. Van de kruisheuvel. Hij bidt niet: Vader slacht ze nu allemaal af, nu ze Mij, die onschuldig ben vermoorden. Maar Hij bidt: Vader, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen.

Als je daar over nadenkt, dan is dat zo anders. Dat is zo prachtig. Maar zo in strijd met wat wij denken. Ook met hoe wij God denken.

Dat moesten ook Petrus en Johannes en Jakobus leren. Een andere God dan die van Mozes en Elia en van henzelf. Een God van oneindige liefde. Van vergeving. Ook voor je vijanden.

Dat is het volstrekt nieuwe van Jezus. Daar waren Mozes en Elia nog niet aan toe. En Petrus met de zijnen ook niet. Dat hebben zij pas na de opstanding begrepen. Pas toen hadden ze door dat die berg waar Jezus in glans veranderde en de kruisheuvel allebei een prachtig nieuwe glans hadden.

 

Vandaag hebben we onze Doop herdacht.

Moeten we leren om nieuw over God te denken.

Een nieuwe heerlijkheid. Die nieuwe wereld van liefde. Zelfs voor je vijanden.

 

Maken we ten diepste niet allemaal een beetje onze eigen god?

We hebben allemaal onze manier om te geloven. De een is wat meer kerkelijk dan de ander. Maar allemaal hebben we een beetje een beeld van God. Aangepast aan onze manier van denken. Spannen we God niet vaak voor ons karretje? Denken we niet vaak dat God aan onze kant staat, en dat onze vijanden een lesje moeten leren? Is er niet heel veel ook in ons Godsbeeld over dat eigenlijk nieuw moet worden? Zoals Jezus was, en de weg die Jezus ging, het kruis: dat is God!

Als we die nieuwe weg van onze Doop echt gaan, dan krijgt Jezus een glans in ons leven die geweldig is. Echte goddelijke glorie. Dan kunnen we zelfs voor onze vijanden bidden. Dan komt het Rijk van God in ons tot bloei.

Een boodschap om mee op pad te gaan. En om uit te leven. Een nieuw leven in de gloria.

 

Amen.