Dorpskerk Barendrecht, 13 april 2008

Ds. Ph. van Wijk

 

Johannes 10 : 1-21  en Psalm 23.

 

Lieve gemeente,

 

We verlangen naar geborgenheid. En daarom spreekt de metafoor van de herder ons aan. Hij voert mij al zachtkens aan waat’ren der rust, de goede Herder.

 

Maar laten we ze goed lezen, beide gedeelten.

Psalm 23 staat niet voor niets na Psalm 22 en Johannes 10 niet toevallig na Johannes 9.

Een paar maanden geleden heb ik al eens met een verhaal uit Kenia geďllustreerd dat Psalm 23 minder lieflijk is dan het lijkt.

Als je Psalm 22 hebt gelezen, dan wordt het duidelijk waarom dan 23 volgt. Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten. De Psalm die Jezus op het kruishout bidt. De verstotene, die door mensen die zich gedragen als wilde beesten, roofdieren, wordt vervolgd en stukgemaakt. En die uitgestotene wendt zich in Psalm 23 tot de ware Herder. De Heer zelf weet van zijn onschuld. Hij rehabiliteert hem. Neemt het voor hem op. Nodigt hem publiekelijk, voor het oog van de vijand, aan tafel en zalft zijn hoofd met olie, zijn beker vloeit over. Teken van vreugde, bevrijding en zegen. En vooral van rechtvaardiging. Laat heel de wereld, maar vooral de vijanden weten dat hij onschuldig is! Dat is de goede Herder!

 

En het is wel heel opmerkelijk hoezeer Johannes 9 en 10 daarmee parallel lopen.

Daar krijgt die vervolgde ook een gezicht.

Het is de blindgeborene.

Kent u dat verhaal? Niet bepaald soft.

Die man zit daar aan de straat. Blind. Dat is al erg genoeg natuurlijk. Maar als je dan ook nog altijd gehoord hebt in je leven dat het wel iets met ‘eigen schuld dikke bult’ te maken moet hebben – de machteloosheid tegen die manier van denken is misschien nog wel erger dan het feit dat je niets kunt zien. Letterlijk vragen ook de leerlingen van Jezus! het: Rabbi, heeft hij zelf gezondigd of zijn ouders dat hij blindgeboren is? Een verdoemd mens. Vreselijk.

Oerfenomeen bij ons mensen. Het geeft een goed gevoel als je een ander kunt afschrijven.

 

En in die lijn wordt het nog erger voor de man. Als Jezus hem geneest dan wordt hij op het matje geroepen. Want ja, hij is op de sabbat genezen. En dat staat de Farizeeën helemaal niet aan. Dan vieren ze hun jaloezie en ongenoegens over Jezus op hem bot. Ze horen hem uit. Zetten hem klem. Zijn ouders worden er bij gesleept. En wat afschuwelijk dat zijn ouders hem ook laten zakken. Uit angst durven ze het niet voor hem opnemen. Praat zelf maar met hem, zeggen ze. Want ze wisten dat de Joden besloten hadden om iedereen die Jezus als messias zou erkennen uit de synagoge zouden gooien.

Dat is verraad.

Maar hij houdt wel vol. Dat Jezus zijn held is. Dat Jezus van God moet komen.

En dan krijgt hij de nekslag. Dan is het mechanisme in al zijn hevigheid duidelijk: Jij: sinds je geboorte een en al zonde!  Hij wordt uit de synagoge en de tempel gegooid!

Dat is inderdaad op Psalm 22 en 23 te leggen. Een verdoemde. Maar de Heer zelf laat hem niet vallen. Zoekt hem op. Zegent hem in het publiek met genezing. Aanvaard hem en bemoedigt hem.

 

En pas als je dat verhaal hebt begrepen, hoe mensen anderen uitsluiten kunnen, en wat daar achter zit; en hoe de Farizeeën hun leiderschap hebben uitgeoefend vanuit ongekend veel onzuiverheid; en hoe ze zo’n man zondebok maken, doordat ze hun eigen onderhuidse jaloezie en ongenoegens op hem projecteren door hem tot schuldige te maken; – ja dan begrijp je de scherpte waarmee Jezus reageert in de gelijkenis over de schaapskooi en de goede Herder.  Dat er dieven en moordenaars zijn, die zich als herder voordoen.

En dat Hij alleen de echte deur van de schaapskooi is. Dat anderen rovers zijn.

 

En het wordt tijd om het nu in termen van vandaag te zeggen, zonder metafoor.

Zie je niet op veel plekken dat er mensen geroofd worden door leiders? In de politieke arena van vandaag zie je het. Er wordt geappelleerd aan het feit dat we weer trots moeten zijn op Nederland. Daarom moet er zwaarder gestraft worden. Kunnen aanwijzen dus wie er allemaal fout zit. En waar het kwaad en het gevaar zit. Politici die appelleren aan het ‘eigen schuld-dikke bult’ gevoel bij mensen.

 

Ik denk ook aan het afgrondelijke van wat er in de vorige eeuw is gebeurd. Dat iemand als Hitler miljoenen achter zich kreeg in een wij – zij denken dat Joden en zigeuners en christenen tot zondebok maakte.

En het leiderschap van een Pol Pot, Cambodja, dat weer andere zondebokken doodde. Stalin, miljoenen gedood of verbannen naar Siberië. Hedendaagse guerrillabewegingen als de Farc, die het kwaad in de ander of de samenleving leggen, en dan mensen ronselen, zoals de Groningse studente waarvan we de verhalen op televisie hebben gezien. Het zijn allemaal verhalen die misschien wat ver van ons bed lijken te staan. Maar ze geven aan hoe makkelijk mensen te roven zijn.

Je ziet het in kerken en sekten. Hele gemeenschappen worden vastgehouden in denkbeelden die werken met angst en met manipulatie. Waardoor ook individuele mensen soms vergaand in de knel komen. Mensen die uit de familie worden gestoten wanneer ze hun eigen geestelijke vrijheid wil gebruiken. Of tenminste met argwaan worden bekeken of doodgezwegen. Je ziet het veel in zware kerken.

 

Maar rovend leiderschap zie je misschien wel net zo goed in het economisch machtsdenken van onze tijd. Iedereen moet gemanipuleerd worden in het denkbeeld dat je gelukkig bent door allerlei modellen te volgen. Het allesbeheersend systeem waarin je alleen wat waard bent vanwege je marktwaarde. We worden opgeroepen om vertrouwen te hebben in de economie. Om geld uit te geven. Want dan blijft de boel draaiende. We worden dag in dag uit geprikkeld met het beeld dat je alleen op die manier een volwaardig en gelukkig leven leidt. En wie niet met de heersende opinie meedenkt of in de mode meeloopt ligt er eigenlijk uit.

 

En in die context van het menselijk samenleven, waarin we allen het gevaar lopen om anderen te gebruiken of door anderen gebruikt te worden. Waarin macht en leiderschap zo vaak het belang van de machthebber moet dienen, klinkt dit evangelie van de Jezus, die op andere manier de kudde voorgaat.

In Jezus Christus is het tegenovergestelde. Je ziet dat in zijn optreden. In de manier waarop Hij mensen in pure vrijheid nodigt om Hem te volgen. Hen niet manipuleert. Oog heeft voor de uitgestotenen, de zwakken en de ontrechten. Hij legt het niet aan met mensen die zijn belangen kunnen dienen. Hij is geen vriendje ter wille van eigen gewin. Hij is niet uit op effect. Niet gewild populair.

Maar juist die kracht van liefde waarmee Hij mensen tegemoet treedt om ze werkelijk in hun eigenheid en in hun waarde te ontmoeten, maakt dat Hij werkelijk de levensruimte van mensen opent naar het enige echte perspectief. In die zin is Hij de deur van de schaapskooi. In die zin horen mensen in Hem een echte stem, die je kunt volgen zonder angst. Zonder dat je in een richting gemanipuleerd wordt. Zonder dat je het gevaar loopt om verstoten te worden. Of uitgespuwd.

 

En daarmee maakt Hij ook juist de echte lagen van ons mens-zijn open. Hij roept ons bij onze naam en leidt ons naar buiten. In de echte onvoorwaardelijke liefde die ruimte biedt. Waarin je niet hoeft te voldoen aan allerlei eisen van de groep. Je niet naar de ogen hoeft te kijken van de mensen met de grootste mond of de meeste invloed. Maar in echte liefde aanvaard wordt.

Ik ben gekomen om mensen het leven te geven in al zijn volheid. In vrijheid.

 

Jezus heeft dat in zijn eigen levensgeschiedenis bevestigd. Hij werd zelf ook die uitgestotene. Ultiem zelfs. Niemand meer in de wereld die het voor Hem opnam.

Hij had dat kunnen ontwijken. Die beker voorbij kunnen laten gaan. Slechts even voor zichzelf kunnen kiezen. Hij koos voor de innerlijke vrijheid, ook al betekende dat gevangen genomen en vermoord te worden.

En die vrijheid is leven. Niet meer uit angst voor andere mensen dingen afzwakken. Jezelf geweld aandoen. Je mond houden terwijl je een ander zou moeten verdedigen. Overal waar je dat doet ben je gebonden.

Maar als je tegen alles in het op durft nemen voor wat werkelijk goed en waar is. Voor wie ontrecht wordt. Of ten onrechte beschuldigd of in de steek gelaten. Die vrijheid: ja dat is leven!

We hebben de genade van de opgestane Heer, die door zijn Vader is gerehabiliteerd is, en daarom ook werkelijk de deur is en de goede Herder, telkens weer nodig. Wij vallen voortdurend terug in allerlei mechanismen waarin we toch weer onvrij worden. Vaak ook uit angst. Denken ons hachje te redden, maar raken er eigenlijk door gevangen. Maar gelukkig is het werkelijk genade. Gaat Christus als de goede Herder daadwerkelijk voorop. En dan volgen we Hem. Vaak weer dwalend en zoekend. Maar telkens weer teruggeroepen tot vrijheid. liefde, leven.

 

Eer aan de Vader,

Eer aan de Zoon,

Eer aan de heilige Geest,

Amen.